Over het belang van de beoefening van dankbaarheid bij het werken aan herstel van verslaving
Waarom is de beoefening van dankbaarheid belangrijk bij herstel van verslaving? Dankbaarheid helpt mensen in herstel om meer aandacht te ontwikkelen voor het huidige moment en minder te blijven hangen in gemis, verlangen of controle. Juist tijdens herstel kan een bewuste houding van dankbaarheid bijdragen aan innerlijke rust, stressvermindering en mentale veerkracht.
Door bewust en met aandacht stil te staan bij wat er wél is, ontstaat er ruimte voor acceptatie, verbinding en innerlijke flexibiliteit bij het werken aan herstel. In deze blog lees je hoe de boeddhistische beoefening van dankbaarheid (kataññutā) werkt. En waarom deze houding zo waardevol is binnen herstel van verslaving.

“Jij, de rijkste persoon ter wereld, hebt je eindeloos ingespannen en geworsteld, zonder te beseffen dat je alles wat je zoekt al bezit.” (Lotus-soetra)
Met volle aandacht aanwezig zijn in het huidige moment spreekt niet vanzelf. Zeker voor mensen die werken aan herstel van verslaving kan het een aanzienlijke inspanning kosten om zich volledig aan dit moment toe te wijden. Het nu vraagt blijkbaar iets van ons dat we maar moeizaam bereid zijn te geven. Terwijl het geschenk dat dit moment ons biedt precies datgene is waarvoor we, vooral in onze verslaving, alles lijken te willen opofferen: innerlijke rust.
Craving en het verzet tegen het huidige moment
Over de monkey-mind en het anti-nu
Zonder toegewijde oefening is onze geest vooral geneigd om zich te verzetten tegen het nu. Veel liever dwaalt het door de droomachtige landschappen van denkbeeldige toekomsten. Of het creëert scenario’s met oplossingen voor problemen die er niet zijn. En even gemakkelijk houdt het zich bezig met de kwellingen uit het verleden die het niet meer kan veranderen. Het is de aard van het beestje, springend van hot naar her in de holle ruimte van onze schedel: de monkey mind, hoppend in het vacuüm van wat niet aanwezig is.
Onze verslaving is in zekere zin de uitvergroting van dat aapje in de geest. Maar in verslaving springt er geen aap meer rond; nu is het een hongerig, harig monster dat van hot naar her slingert aan de lianen van verlangen, hunkering en zucht. Altijd op zoek naar het niet-nu, op zoek naar het Andere. Naar dat wat niet hier is, naar dat wat anders is.
De honger, de onvervulbare leegte achter onze verslaving – de jeuk, de zucht, de lust, het knagende verlangen naar meer, meer, opnieuw en opnieuw – had alles te maken met het Afwezige. Met het Niet-Genoeg. Waar we ook waren: we wilden niet hier zijn, niet nu. De verslaving als fysieke manifestatie van het anti-nu.
Dankbaarheid als het tegengif: kataññutā
De Boeddha onderwees het ontwikkelen van bewuste aandacht als het ultieme tegengif voor ons lijden en voor de drie vergiften die het aapje in onze geest omvormen tot dat hongerige monster van gehechtheid (upadana: verlangen, hebzucht), afkeer (dosa: woede/angst) en verwarring (moha: onrust en waanideeën). In ons boek van Recovery Dharma lezen we daarover onder meer het volgende:
“Voor velen van ons verhinderde onze verslaving ons om aandachtig aanwezig te zijn. In feite was dat vaak ook het hele punt: we gebruikten onze middelen en ons dwangmatige gedrag om gevoelens te vermijden, om bewustwording te vermijden, omdat aanwezig zijn te pijnlijk was.”
Maar de Boeddha leerde ons daarnaast nóg een remedie tegen de onrust en verwarring van verlangen en afkeer. Deze remedie is het medicijn van de dankbaarheid, ofwel kataññutā (of kataññu). Letterlijk betekent dit: “weten wat er gegeven is” of “herinneren wat er voor ons is gedaan”.
Waarom is de beoefening van dankbaarheid van belang?
Dankbaarheid draagt bij aan mentale veerkracht
Het cultiveren van dankbaarheid is een belangrijk onderdeel van herstel. Binnen het boeddhisme geldt dankbaarheid als een fundamentele deugd bij het ontwikkelen van geluk. Ook vanuit psychologisch perspectief helpt een dankbare houding ons om de uitdagingen van het leven aan te gaan.
Mensen die dankbaarheid beoefenen, zien moeilijkheden vaker als kansen om te groeien dan als obstakels die overwonnen moeten worden. Dankbaarheid hangt bovendien nauw samen met wat psychologen beschrijven als innerlijke veerkracht. Deze veerkracht is niet per se aangeboren, maar kan wel worden ontwikkeld en versterkt. Een houding van dankbaarheid vormt daarbij een belangrijk fundament.
Dankbaarheid helpt stress te verminderen
Onze kijk op het leven beïnvloedt ons gedrag. Bewust zien waarvoor we dankbaar kunnen zijn, helpt ons een duurzaam herstelgericht leven te leiden. Hoe meer iemand zich bewust wordt van wat er allemaal óók aanwezig is, naast momenten van lijden of verdriet, hoe gemakkelijker het wordt om ook de eigen waarde te herkennen. Wie oefent in dankbaarheid voor wat aanwezig is, hoeft zich minder bezig te houden met wat ontbreekt en met wat het gemis allemaal oproept, en kan zich daarnaast richten op wat er wél of óók is aan goede dingen.
Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat dankbaarheid diepgaande gevolgen heeft voor de manier waarop we ons tot de wereld verhouden. Dankbaarheid stelt ons in staat het hier en nu te waarderen en actief deel te nemen aan ons eigen leven. Door minder bezig te zijn met verleden en toekomst en meer aandacht te schenken aan het huidige moment, ervaren mensen vaak minder stress. Voor mensen in herstel, die tijdens hun verslaving vaak werden gedreven door controle, perfectie of vermijding, kan dankbaarheid daarom een belangrijke steun zijn. Ze vermindert de noodzaak om te vluchten voor wat zich aandient.

Wat we zoeken, dragen we al in ons
Kabir, een Indiase mystieke dichter, beschrijft treffend wat er gebeurt wanneer we blind zijn voor de overvloed die ons omringt: “Ik lach als ik hoor dat de vissen in de zee dorst hebben.” Met andere woorden: wanneer we ons niet bewust zijn van de rijkdom van dit moment, kunnen we ons toch blijven voelen als een hongerige geest, dorstend naar iets anders, naar iets meer. Immers, veel van wat we zoeken, dragen we al in ons.
Vanuit dat besef kunnen we het leven tegemoet treden met een gevoel van overvloed, zelfs wanneer we geconfronteerd worden met ervaringen die we liever zouden afwijzen. Welke leegte achter ons lijden we ook ervaren – de ervaring van dukkha is werkelijk en mag erkend worden; daarnaast bestaat ook altijd de mogelijkheid van sukha: de ervaring van welzijn, geluk en innerlijke vrede. Ook dat mag een plek hebben en het krijgt die plek door de beoefening van dankbaarheid.
Voor de ontwikkeling van deze houding van dankbaarheid is wel een oprechte toewijding nodig. Volgens Jack Kornfield, klinisch psycholoog en meditatieleraar, begint die toewijding met het bewust ontvangen van alles wat zich aandient, inclusief de kleine pijntjes en de grote pijnen van het leven. Het vraagt erom open te staan voor de natuurlijke ritmes van geluk en verlies, van verlies en vreugde, van verdriet en mededogen.
Dankbaarheid moet niet, maar mag!
Wanneer we ons openstellen voor de overvloed in ons eigen leven, kunnen we genieten van de mist die optrekt in de vroege ochtend. Of van de stoom die opstijgt uit een hete kom soep tijdens de lunch. We kunnen geraakt worden door de halve glimlach van een vermoeide medepassagier op onze reis door het leven. En door het eenvoudige feit dat we hier zijn: ademend en levend op deze wonderbaarlijke aarde.
Dat betekent niet dat verdriet, falen, verraad, teleurstelling en verlies er niet mogen zijn. Ook die ervaringen verdienen erkenning. Dankbaarheid moet niet, maar mag. Zij is een weg van mogelijkheden en daarmee onderdeel van het pad naar verlichting. Volgens Jack Kornfield begint dankbaarheid met het inzicht dat het overvloedige hart al heel is. Dankbaarheid is geen tegengestelde beweging tegenover iets anders. Het is niet het ene verruilen voor het andere. Oprechte dankbaarheid betekent eenvoudigweg de ogen openen en met aandacht zien wat er al is. De werkelijkheid van ons leven kent naast leegte ook weelde.
Alles wat we nodig hebben, huist al in ons hart. De werkelijke oefening van bewuste aandacht is dat te leren zien. Omarm daarom de wereld met al haar vreugde en angst, winst en verlies, nobelheid en egoïsme. Oefen in oprechte dankbaarheid. En maak van je herstel de warme, compassievolle getuige van alles waarvoor je dankbaar mag zijn.

