De kunst van het steeds opnieuw beginnen

door | jan 1, 2026 | boeddhisme, Herstel van verslaving, mindfulness

Waarom oefenen in het steeds opnieuw beginnen in meditatie van belang is voor herstel van verslaving.

Vergankelijkheid als beginpunt van herstel

Een citaat van Jack Kornfield, klinisch psycholoog en bekend meditatieleraar, luidt:

“Everything that has a beginning has an end. Make your peace with this and all will be well.”

Het citaat legt een diepe, spirituele waarheid en wijsheid bloot. Het verwijst naar de kern van de boeddhistische leer: dat alle dingen en ervaringen vergankelijk zijn. Of, met de woorden van Thich Nhat Hanh anders aangeduid:

“Het is niet vergankelijkheid die ons lijden veroorzaakt. Ons lijden wordt veroorzaakt doordat wij vasthouden aan wat vergankelijk is.”

Vergankelijkheid, met andere woorden, is geen bijzaak. Inzicht in anicca, zoals vergankelijkheid in het Pali (en als anitya in het Sanskriet) wordt aangeduid, vormt het fundament voor spirituele bevrijding in het boeddhisme.

Voor Recovery Dharma, als programma voor herstel van verslaving, vormt het ontwikkelen van inzicht in vergankelijkheid van alle ervaringen – zowel de positieve als de negatieve – een fundamenteel onderdeel van ons herstel. 

Waarom elk einde een nieuw begin mogelijk maakt

In de leer van de Boeddha volgt dit inzicht direct op de Eerste Nobele Waarheid: Ariya Sacca Dhukka. Er is lijden aanwezig in het leven. Dat is het begin. Maar bij elke waarheid hoort tegelijk ook een spiegelbeeld. Want als alles wat begint uiteindelijk eindigt, dan geldt net zo goed: alles wat eindigt, maakt een nieuw begin mogelijk.

Elke afsluiting draagt de kiem van vernieuwing in zich. Na het sterven in de herfst en de stilte van de winter volgt de zachte, ontluikende muziek van de lente. Na verlies ontstaat ruimte. Na afscheid, een nieuwe ontmoeting. Het einde is geen dood punt; het is een overgang. Juist het einde maakt herstel mogelijk.

Natuurlijk vraagt dat wel om ruimte voor overgang en reflectie. Niet te snel vooruit, maar ook niet te lang blijven hangen. Een einde mag ook werkelijk een einde zijn. Verdriet, rouw en heroriëntatie verdienen aandacht, tijd, ruimte. Geduld.

Tegelijk is de tussenruimte geen eindbestemming. Op een gegeven moment nodigt het leven weer uit tot beweging. Het opent de deur naar nieuwe mogelijkheden. En zo nodig stoot je het je regelrecht de open ruimte in. Je mag altijd (en soms moet je nu eenmaal) opnieuw beginnen.

De angst voor opnieuw beginnen bij herstel van verslaving

De scheurbeweging van het leven kennen we als mensen in herstel vaak maar al te goed. Het is het nulpunt, de kelder (of de  kelder ónder de kelder), die we moesten bereiken om te beseffen: dit is het einde. Nu moet het veranderen. Of de enige nieuwe kans die we nog krijgen is als we sterven en we herboren raken in een nieuw leven. Voor mensen die werken aan herstel van verslaving kan dat eindpunt / het nieuwe begin bedreigend aanvoelen. 

Nieuwe voornemens – “dit jaar drink ik niet meer”, “dit is mijn laatste sigaret”, “vanaf nu gebruik ik dit of doe ik dat niet meer” – klinken vastberaden. Maar laten we eerlijk zijn: eronder bibbert het. Deze angst ontstaat vooral wanneer herstel uitsluitend wordt gezien als het beëindigen van oud gedrag.

Dan wordt het nieuwe begin een sprong in het onbekende, zonder bedding. Wat ontbreekt, is het inzicht dat elk einde niet alleen iets wegneemt. Het einde opent de mogelijkheid tot een nieuw leven.

Herstel als met aandacht en mildheid bouwen aan nieuw gedrag

Herstel gaat dan ook niet primair over het stoppen. Natuurlijk begint het met abstinentie. Ophouden met oud gedrag. Maar eigenlijk valt dát onder de tussenruimte. Het basisidee van herstel gaat niet over discipline, wilskracht of morele strengheid van de afwijzing van oude patronen.

Herstel gaat over het opbouwen van nieuwe gewoontes die gezondheid, verbinding met het leven en emotioneel evenwicht ondersteunen. Loslaten van oud gedrag hoort daarbij, zeker. Maar niet door onszelf af te snijden van het verleden. Herstel vraagt juist om zachtheid, inzicht en (zelf)compassie. Bij Recovery Dharma begrijpen we dat maar al te goed.

We ademen deze kern: dat ons herstel bestaat uit het leren waarnemen van patronen, niet om het veroordelen ervan. We kunnen alleen echt opnieuw beginnen wanneer we de deur naar het volgende moment niet openbreken met hardheid, maar deze met compassie en aandacht zelf leren te openen.

Om de ruimte van vernieuwing dan, opmerkzaam en met kalmte, te betreden en erin aanwezig te zijn.

De tussenruimte als oefenplaats

Tussen einde en begin ligt een kwetsbare ruimte. Een oefenruimte. Hier leren we verdragen wat ongemakkelijk is, zonder te vluchten en zonder te forceren. Binnen Recovery Dharma doen we dit samen, via meditatie en mindfulness. Maar onze meditatie is geen passieve oefening. Integendeel: het vraagt om inzet en moed. Het vraagt om het steeds opnieuw durven opkomen dagen, voor jezelf en voor ieder moment.

Wie snel resultaat zoekt, haakt hier soms af. Want deze tussenruimte vraagt daadwerkelijk om investering, tijd en vooral geduld met jezelf. Het is confronterend om te ontdekken dat een voornemen iets anders is dan handelen. Herstel vraagt erom dat we durven zitten met angst.

Onze meditatieve oefening vraagt erom dat we leren te zien dat we soms geregeerd worden door de gedachte dat we het nieuwe begin niet waard zouden zijn. Daar vrede in vinden, dat is hard werken. En het vraagt erom te zitten met een oneindige vorm van zachtheid en compassie.

Meditatie en het fractale moment

Sharon Salzberg noemt dit ook wel het fractale moment: het kleine moment dat het geheel weerspiegelt. In meditatie is dat het ogenblik waarop je merkt dat je bent afgedwaald – en terugkeert naar de adem. Dat simpele gebaar is een blauwdruk voor het leven.

Telkens wanneer we verdwalen in stress, verlangen, schaamte of oude patronen, kunnen we terugkeren. Naar dit moment. Naar het lichaam. Naar de adem. Wat we in meditatie oefenen, brengen we in het leven in de praktijk: loslaten en opnieuw beginnen.

Waarom de afleiding geen falen hoeft te zijn

Meditatie is eenvoudig, maar niet gemakkelijk. De instructie is helder: richt je aandacht op de adem. En als je afdwaalt? Dan begin je opnieuw. En opnieuw. En opnieuw. Precies dat maakt meditatie zo krachtig voor herstel van verslaving. Want herstel is opnieuw beginnen. Niet één keer. Maar ontelbaar vaak. Elke terugkeer versterkt de aandacht en verdiept de relatie met onszelf.

Onze conditionering vertelt ons dat zelfkritiek en strengheid nodig zijn om te veranderen. Maar in werkelijkheid putten ze ons uit. Vooruitgang ontstaat niet in een klimaat van oordelen en veroordelingen: oordelen en veroordelingen vormen het einde van de concentratie.

Met het oordeel zit je vast in het verhaal. Herstel begint juist in een omgeving van vriendelijkheid en milde volharding te zien dat alles voorbijstroomt. Herstel en meditatie gaan beide over het ontwikkelen van de flexibiliteit van de geest en de psyche.

Opnieuw beginnen is daarom geen falen. Het is een vaardigheid. Een vorm van veerkracht. Wanneer we leren om afleiding te herkennen zonder onszelf te veroordelen, verandert daarmee onze relatie tot onze ervaring.

Meditatie draait dan ook niet om het bereiken van een bijzondere staat van geest. Het gaat om een andere houding leren aannemen: nieuwsgierig zijn, mild en vriendelijk zijn. En steeds opnieuw, aanwezig voor wat zich aandient.

De kunst van het opnieuw beginnen als weg van herstel

Afleiding, terugval, ervaringen van falen en twijfel horen bij het leven. Werkelijk herstel betekent daarom ook niet dat we nooit meer afdwalen. Het betekent dat we leren om terug te keren.

Terug, met mildheid, naar wat in dit moment aanwezig is. Terug, met compassie, naar de adem en het lichaam als basis voor de openheid voor wat zich aandient. Terug, met aandacht, naar het vertrouwen dat een nieuw begin altijd mogelijk is.

Dus kom. Laten we zitten, voor een moment, of voor zolang als jij het nodig hebt. En laten we opnieuw beginnen!