Over psychologische flexibiliteit en innerlijke waarden in herstel van verslaving
In herstel van verslaving spelen mindfulness, acceptatie en psychologische flexibiliteit een cruciale rol. Bij de bijeenkomsten van Recovery Dharma Nijmegen worden deze principes verbonden met boeddhistische inzichten over aandacht, lijden en compassie. In deze blog lees je hoe we met behulp van de leer van de Boeddha, het ontwikkelen van innerlijke veerkracht en de Zuivere Intentie richting leren geven aan een duurzame vorm van herstel.
“We zijn geneigd te denken dat ons leven en het Spirituele Pad erop gericht zijn ergens naartoe te gaan. Om een andere plek te bereiken dan waar we nu zijn. Maar het pad bestaat er juist in te leren aanwezig te zijn bij wat hier en nu is.” (- Tara Brach)
Herstel is geen wonder
Ho. Wacht. Voordat je in de stress schiet: die zin is niet compleet. Wat er eigenlijk gezegd moet worden, is: “Herstel is geen wonder; het is hard werken.” Want of onze verslaving nu bestaat uit alcohol, drugs, eten, gokken, seks, codependentie, technologie of andere procesverslavingen: als we willen stoppen, betekent het dat we hard zullen moeten werken.
Tegelijk mogen we ‘hard werken’ in herstel wel op een wonderlijke wijze begrijpen. Want hard werken in herstel gaat er juist om te leren op de rem te trappen. Te herkennen dat we te hard gaan – een beetje zoals bij die eerste zin van de vorige alinea: Ho. Wacht. Niet te snel. Een stapje terug. Leren om te vertragen en terug te keren naar het moment dat er nu is.
Hard werken in herstel is in feite juist niet een berg beklimmen. Het is de berg weer afdalen, langzaam en aandachtig, op handen en knieën, met aandacht en zorg, op de toppen van je tenen en vingers, zodat je elke steen en kiezel op je pad van ervaring leert kennen.
Herstel is hard werken om dat wat zich aandient niet direct al vast te zetten in een conclusie. En in plaats daarvan te leren ervaringen met zorg en aandacht te ontvangen. Om ze te onderzoeken en hun unieke kwaliteiten werkelijk met aandacht op te merken. En om ze vervolgens weer los te laten, terwijl je beseft dat je ze eigenlijk nooit bezat: het leven gaf ze aan je, en als je ze hun eigen laat varen, dan zullen ze weer vergaan, juist zonder jouw inmenging.
Misschien is herstel in die zin toch ook een wonder. Niet als iets bovennatuurlijks. Maar als het wonderlijke van het leven zelf, dat je pas leert zien door op een heel specifieke manier te kijken: met zachtheid en een open blik, in plaats van met hardheid en geslotenheid. Dat je leert zien wat er eigenlijk altijd al was.
Dat je het Werkelijke en het Ware opnieuw leert waarderen, omdat je niet langer blind bent. Kortom: dat je ontwaakt, zoals Siddhartha Gautama ooit ontwaakte en overging van prins naar Boeddha: de Ontwaakte.

De Boeddha, de ontdekking van de Middenweg en herstel van verslaving
De bladeren van de rozenappelboom en het Achtvoudig Pad
Ook de ontwaking van de Boeddha zelf was geen wonder. Ze ontstond op het kruispunt van hard werken en overgave. Siddhartha Gautama, de historische Boeddha, leefde ongeveer 2500 jaar geleden als prins in India. Toen hij buiten de muren van zijn paleis werd geconfronteerd met lijden, begon hij aan een spirituele zoektocht.
Siddhartha zocht naar een weg om zich te bevrijden van het lijden dat het leven bevat. Daartoe sloot hij zich aan bij de strikte spirituele bewegingen van zijn tijd. Hij onderwierp zich aan extreme disciplines: zware beoefening, intensieve meditatie en langdurig vasten. Je begrijpt misschien dat die weg zijn tol eiste. Ook hier is het verhaal van de Boeddha niet wonderlijk. Als je wekenlang niet eet en je lichaam in allerlei extremen tot het uiterste drijft, dan raak je meestal niet verlicht. Dan ga je gewoon dood.
Dat gold ook voor Siddhartha. Hij stond, door uitputting van zijn spirituele beoefening, uiteindelijk niet op het punt van verlichting, maar op de rand van de afgrond. En daar besefte hij: dit was niet de weg. Dit pad leidde niet naar verlichting, maar naar het einde. En op dat moment, in Bodh Gaya, ging de prins die asceet was geworden onder een vijgenboom zitten.
Daar, onder de Bodhiboom, herinnerde Siddhartha zich hoe hij als kind tijdens het ploegfeest de schaduw opzocht onder een rozenappelboom. Daar keek hij naar de bladeren in het zonlicht en naar het golven van het gras op het veld. Kijkend naar wat zich ontvouwde, zakte hij spontaan, als een kind, in een meditatieve staat. Dit was zijn moment van ontwaken. (Je leest over dit moment in het leven van de Boeddha in de Maha-Saccaka Sutra)
Maar belangrijker nog: zijn ontwaking was geen één, enkel moment. Het was een proces. Er volgden meerdere momenten waarin Siddhartha steeds dieper ontwaakte. Hoewel zijn ontwaking misschien deels gegeven werd, op het punt van uitputting en inkeer, moest ook Siddhartha er hard voor werken, zowel voor als na dat moment van herinneren.
Waarom het ontwikkelen van aandacht essentieel is voor herstel
De oneindige variatie van de ervaring
Ons herstel is niet één ding: het is een proces. Dat proces bestaat uit hard werken én uit leren stilstaan bij de keuzes die we maken. Het waardevolle aan het herstelprogramma van Recovery Dharma is dat juist dit aspect centraal staat: leren stilstaan, vertragen en kijken naar wat zich aandient.
Herstel kent oneindig veel vormen. Steeds opnieuw zoeken we naar een balans tussen het aangaan van de uitdagingen van het leven en het aandachtig waarnemen van wat zich ontvouwt. Met aandacht (Sati) en concentratie (Samadhi) leren we zien wat is. We leren de ervaring in al haar variatie onderzoeken, zoals we dat bijvoorbeeld doen in de Vipassana (Inzichts-)Meditatie: we leren helder zien hoe elke ervaring zich in een rijkdom aan kwaliteiten aandient in ons lichaam en zelfs in onze adem.
Tegelijk kijken we naar wat er in onze geest gebeurt wanneer die ervaring zich aandient. Zijn we bereid de ervaring werkelijk te ontvangen? Ook dat is wezenlijk voor herstel. Kunnen we de ervaring benoemen zonder te verdwalen in het verhaal dat onze geest eromheen weeft? Kunnen we ons losmaken van dat verhaal? Kunnen we het ‘aapje in de geest’ laten hobbelen, terwijl wijzelf simpelweg aanwezig blijven in het huidige moment, ademend en gewaar van ons lichaam?

Psychologische flexibiliteit en herstel van verslaving
Al deze vaardigheden die we leren binnen Recovery Dharma Nijmegen – mindfulness, acceptatie, inzicht en leven vanuit innerlijke waarden – zou je eigenlijk ook kunnen samenvatten onder één begrip: wat klinisch psycholoog Steven Hayes ‘psychologische flexibiliteit’ noemt.
Psychologische flexibiliteit, dat is het vermogen om effectief om te kunnen gaan met ongemakkelijke gedachten en emoties, zonder erdoor gegijzeld te worden. Door vanuit innerlijke flexibiliteit (met mindfulness, acceptatie en afstand van onze gedachten) te reageren op het leven, zijn we in staat om – ondanks de Grote (en kleinere) tegenslagen, zoals die nu eenmaal horen bij het leven – toch waardevolle keuzes te maken. We zijn in staat om te handelen naar onze persoonlijke waarden. En dat komt verrassend overeen met wat we leren in onze beoefening bij Recovery Dharma en vanuit het boeddhisme.
Psychologische flexibiliteit zou je bovendien kunnen zien als het tegenovergestelde van verslaving. Want wat is verslaving uiteindelijk anders dan het vermijden van onze directe ervaring? Het vluchten voor, verdoven van of ontkennen van pijn, ongemak en werkelijkheid? Verslaving is een star en vastgelopen patroon om met pijn en ongemak om te gaan. En juist daarin schuilt haar beklemming: ze kent nog maar één weg. Verslaving kent geen flexibiliteit. Het is het middel — of het voelt als sterven.
Terugkeren naar de kernwaarden van ons hart
Wat de Boeddha ons leerde met zijn eerste ontwakingsmoment, is dat er meerdere mogelijkheden zijn. Siddhartha stond op het punt van sterven en herinnerde zich iets uit zijn kindertijd: dat hij als kind kon kijken naar de golven van alles wat zich aandiende. Hetzelfde geldt voor ons.
Velen van ons hebben, op dat eerste moment van herstel, of dat laatste moment van onze verslaving, op ons eigen punt van ‘sterven’ gestaan: het laagste punt, de kelder onder kelder, het moment dat alles verloren leek. Maar ook wij ‘herinnerden’ ons iets. Misschien was dat ‘iets’ niet letterlijk een herinnering. Misschien was het wel iets wonderlijks. Maar het was er. Een opening. Een sprankje helderheid. Een moment van: Wacht. Sta stil. Dit is niet het einde. Misschien is dit een begin. Of misschien zelfs: een terugkeer? Want op dat punt leren we: we kunnen terugkeren naar de waarden van ons hart.
De Zuivere Intentie en een flexibele geest
Ons hart heeft een kern. En die kern is gebouwd op onze innerlijke waarden. Wat die waarden voor jou persoonlijk zijn, kun je en mag je voor jezelf bepalen. Maar voor de Boeddha was het helder: er zijn vier voorgegeven kernwaarden waar we altijd naar terug mogen keren: Karuna (compassie), Metta (liefdevolle vriendelijkheid), Mudita (vreugde) en Upekkha (gelijkmoedigheid).
Als tegenbeweging tegen onze verslaving, en ten behoeve van onze eigen psychologische flexibiliteit in herstel, biedt het boeddhisme en de Boeddha op deze manier opnieuw een prachtig houvast. Het leert ons dat, wat het leven ons ook toewerpt en bij welke moeilijke ervaring of emotie we ook doormaken, we altijd ons hart (terug) kunnen laten bewegen naar de Zuivere Intentie.
Als er haat is, kunnen we oefenen in compassie. Als er angst is, kunnen we kiezen voor de moed van de liefdevolle vriendelijkheid. Als er hebzucht of jaloezie is, of als er pijnlijke ervaringen zijn, dan kunnen we ons richten op dankbaarheid voor de rijkdom die er, naast pijn en lijden, óók bestaat. En te midden van de stormen van het leven kunnen we ons altijd richten op een hart dat de rust, kalmte en balans bevat van de gelijke moed van evenwichtigheid.
Door onze gezamenlijke beoefening met Recovery Dharma kunnen we zo leren om ons herstel te zien als het wonder van het harde werken. In herstel kunnen we op die manier, met flexibiliteit in onze geest en met een zuiver hart, in ieder moment van ons leven vertragen en zien wat aanwezig is. Om dan ons hart, met zachtheid en liefde, te vragen:
“Hoe zou het zijn als ik mijn leven – in dit moment – precies accepteer zoals het is?”

